Ambulances te vaak te laat in grootste steden
Een woordvoerder van Ambulance Amsterdam vertelt dat het aantal ritten in vijf jaar met 20 procent is toegenomen. Dat komt onder meer door vergrijzing, maar ook door de grote groei van het toerisme in de hoofdstad. ‘Toeristen kijken niet altijd goed uit of blijven met hun fiets in de tramrails hangen.’
Volgens de woordvoerder van de Amsterdamse ambulancezorg is verbetering een zaak van lange adem. ‘Het is helaas niet zo dat je meteen een blik verpleegkundigen kunt opentrekken. Het is een lang opleidingstraject.’
Behalve in Amsterdam en Rotterdam doen ambulances er op het platteland ook vaak langer over. Op het eiland Goeree-Overflakkee wordt de norm bijvoorbeeld in 19 procent van de ritten niet gehaald. Zeewolde (Flevoland) scoort het slechtst: daar kwam 29 procent later aan dan eigenlijk de bedoeling is. De gemeenten Oirschot en Molenwaard zijn ook laagvliegers, met 28 procent te laat.
Landelijk is afgesproken dat 95 procent van de ambulanceritten hooguit een kwartier mag duren. Dat lukt in veel steden ruimschoots: in Leiden, Dordrecht, Enschede, Heerlen en Nijmegen kwam vorig jaar minder dan 2 procent te laat. Minister Edith Schippers (Volksgezondheid) maakte onlangs bekend dat ze meer geld uittrekt voor de ambulancezorg. Er komt 16 miljoen euro per jaar bij om de toenemende drukte het hoofd te bieden.